De voornaamste indicaties voor gebruik van de iCup® zijn:
Stand van het foetushoofd bij het bekkenmidden, vooral bij flexieafwijkingen. Ter hoogte van het bekkenmidden schijnt vacuümextractie aangewezen te zijn vanwege de flexiemogelijkheid. Als de uitdrijving stopt ter hoogte van het bekkenmidden bij een hoofdligging is dit meestal te wijten aan een verkeerde rotatie in een posterieure positie en door de flexie te helpen kan de baby naar anterieur geroteerd worden en de geboorte langs de natuurlijke weg plaatsvinden.
Hulp bij de uitdrijving bij vermoeidheid of agitatie van de moeder: door de flexie te helpen, bevordert de vacuümcup de sub-symfysaire positionering van het achterhoofd
Uteriene inertie en ter ondersteuning van ocytocica
Alle foetale hartritmeafwijkingen die een kunstverlossing rechtvaardigen
Hulp bij de uitdrijving bij vrouwen met uteriene littekens
Hulp bij de uitdrijving bij aandoeningen van de moeder (eclampsie, pre-eclampsie, hartaandoening, ademhalingsinsufficiëntie, para- of tetraplegie, aneurysma cerebrale, retinopathie, …).
OPMERKING: Houd altijd rekening met het welzijn van de foetus en de echografische inschatting van gewicht van de foetus voordat u de indicatie stelt voor extractie. Bij afwijkingen in het hartritme en/of een inschatting van een hoger dan normaal gewicht moet de indicatie voor extractie opnieuw in overweging genomen worden met een afweging van de risico's tegen de voordelen